Structure

Elk object bevat een structuur. Een object bestaat bij de gratie van zijn structuur. Als het ware de interne organisatie. In elk object zit een ‘ruggengraat’ verborgen, zonder welke het object gedoemd is te bezwijken of te desintegreren.

Structuur verwijst naar de samenhang van delen of elementen waaruit een object is samengesteld. Dat object kan een verzameling worden genoemd. De samenhang kan geheel verschillend van aard zijn, maar ergens zit er een vorm van herhaling in, anders is de structuur niet herkenbaar.

Wat hier getoond wordt zijn objecten die duidelijk een bepaalde structuur hebben. De structuur zelf kan niet getoond worden. Er kan wel een voorstelling van getekend worden, een representatie, een schema of model. Zoals de interne organisatie van een gebouw.

Bij uitstek in de wereld van organismen, vinden we zeer ingenieuze en complexe structuren. Dieper in de constructie en compositie van dode en levende materie, treffen we markante structuren aan.

Wat we een structuur noemen kan nog een heel onregelmatig karakter hebben, op het oog zelfs vrij rommelig. De regelmaat die er ergens in zit, is dus minder stringent dan bij een patroon.

We onderscheiden als het gaat om concrete dingen doorgaans twee soorten structuren. Een structuur op of aan een oppervlak, een platte structuur zou je kunnen zeggen, of een ruimtelijke structuur. Een oppervlakte structuur is vaak overigens ook drie dimensionaal. In een materiaal, een vaste stof, zit ook een structuur zitten, die ervaren we niet als ruimtelijk, maar hij is wel driedimensionaal.